Spraakherkenning werkt voor de meeste mensen steeds beter — maar voor stotteraars schiet het in de praktijk nog structureel tekort. Een nieuwe studie van Toyin et al. (2026) legt bloot waarom: onderzoek naar stotterspraak is niet systematisch gebaseerd op de ervaringen en behoeften van eindgebruikers.

De auteurs combineren een scoping review van bestaande literatuur met een enquête onder 70 belanghebbenden, waaronder volwassenen die stotteren en spraaktherapeuten. De conclusie is helder: onderzoekers en de gemeenschap van stotteraars praten langs elkaar heen. Evaluatiemethoden sluiten niet aan bij de praktijk, en onderzoeksprioriteiten worden zelden bepaald in samenspraak met de mensen om wie het gaat.

Het paper pleit voor meer interdisciplinaire samenwerking tussen ingenieurs, logopedisten en stotteraars zelf, en presenteert concrete richtlijnen voor een meer gebruikersgerichte aanpak.

Een herkenbaar patroon — en een les die verder reikt dan stotteronderzoek alleen.

Lees het paper: Aligning Stuttered-Speech Research with End-User Needs.